Landschapsbeheer Flevoland

Bijen en wespen

Locatie
kleine-, middelgrote-, grote tuin, erf, schooltuin.

Soortbeschrijving
Onbekend maakt onbemind. Als er één groep in het dierenrijk is waarvoor dit geldt, dan is het wel de insecten. Op enkele "aaibare" soorten, zoals vlinders en libellen na, worden veel insecten weinig gewaardeerd.

Neem nu solitaire bijen en wespen. We hebben in Nederland meer dan 600 soorten. Steken doen ze niet, en ze zijn zeer nuttig bij de bestrijding van schadelijke insecten en de bestuiving van bloemen. Deze boeiende beestjes zijn sterk in aantal achteruit gegaan.

Dat komt onder andere door het gebruik van bestrijdingsmiddelen en de nettere bouwwijze. Ook in keurig aangeharkte stadstuintjes valt er nauwelijks nestgelegenheid te vinden. Met enkele eenvoudige maatregelen kunt u solitaire bijen en wespen een handje helpen. Er zal een fascinerende wereld voor u opengaan.

Weetjes

  • Solitaire bijen leggen hun eieren per stuk in een aparte broedkamer. Hierin maken ze een mengsel van stuifmeel en nectar, waarop ze het ei afzetten. Solitaire wespen gebruiken dierlijk voedsel voor hun larven, zoals rupsen, luizen, vliegen of spinnen
  • Bevruchte eieren ontwikkelen zich tot vrouwtjes. Hiervoor maakt de moederbij of -wesp een grotere broedkamer, die ze dieper van de ingang situeert. De onbevruchte eieren, waaruit zich mannetjes ontwikkelen, komen in kleinere broedkamers, dichter bij de nestingang
  • Een broedgang die in gebruik genomen is, is te herkennen aan een afsluitend dekseltje
  • Veel soorten solitaire bijen zijn gespecialiseerd in een bepaalde plantensoort, met een beperkte bloeitijd. Daarom zijn verschillende soorten alleen actief met het afzetten van eieren in de periode dat de betreffende planten bloeien 
  • Solitaire wespen hebben zich gespecialiseerd in bepaalde prooidieren en zijn alleen actief in de periode dat deze prooidieren aanwezig zijn. 
  • Uit het ei ontwikkelt zich een larve. Als deze de voedselvoorraad geconsumeerd heeft, spint hij zich in een cocon. Daar verpopt hij zich en vliegt uit. Afhankelijk van de soort kan dit hele proces enkele weken tot maanden duren
Tips

Tips

Een leuke manier om de ontwikkelingen in de nestgangen te kunnen observeren is gebruik te maken van glazen buisjes van verschillende diameter

Op diverse openbare plaatsen zijn inspirerende voorzieningen voor insecten aangelegd. Het Emelwerda college in Emmeloord heeft in samenwerking met het IVN een insectenmuur gebouwd nabij het onderkomen van de Scouting en het IVN (Sportlaan 46)

Wat u kunt doen voor solitaire bijen en wespen

  • Laat eens wat dood hout staan in de tuin. In zachte, rottende delen van bomen kunnen gemakkelijk nestplaatsen uitgegraven worden
  • Holle stengels zijn ook zeer geliefd als nestplaats. Laat daarom op enkele plaatsen verdorde stengels gedurende een langere tijd staan 
  • Zorg voor de aanwezigheid van een aantal kale plekjes op een zonnige plaats. Hier maken zandbijen graag gebruik van om hun nest in te graven. Dit kunnen plekken zijn tussen planten, tegels maar ook een steile wand met leemhoudend zand 
  • Breng kleinschalige afwisseling aan. Biedt zonnige, luwe plaatsen aan om op te warmen, ruige hoekjes waar prooidieren bemachtigd kunnen worden en diverse bloeiende planten als nectarbron 
  • Water (vijver) vinden veel soorten erg aantrekkelijk 
  • Klei of leem kan gebruikt worden voor het afdichten van nestgangen 
  • Bouw een insectenmuur, bijenblok of insectenhotel

insectenhotels in allerlei soorten en maten

Overige informatiebronnen

Links

Boekentips

  • Bellmann, H. & T.M.J. Peeters, 1998 - Gids van Bijen, Wespen en Mieren. Tirion, Baarn. ISBN 90-5210-293-7 (herkenningsgids met de 135 belangrijkste soorten)
  • Peeters, T.M.J., C. van Achterberg, W.R.B. Heitmans, W.F. Klein, V. Lefeber, A.J. van Loon, A.A. Mabelis, H. Nieuwenhuijsen, M. Reemer, J. de Rond, J.Smit & H.H.W. Velthuis, 2004 - De wespen en mieren van Nederland. KNNV Uitgeverij. ISBN 90-5011-174-2 (vrij wetenschappelijk, met verspreidingskaarten voor alle soorten)