Landschapsbeheer Flevoland

Salade uit de vrije natuur

Unieke zadenmix wilde kruiden

Alle vrijwilligers van Landschapsbeheer hebben in hun nieuwjaarskaart een unieke zadenmix van wilde kruidensoorten ontvangen. Hieronder de beschrijving van de verschillende soorten. De tekstbeschrijvingen komen van de leverancier van de zaden (zie: www.vreeken.nl) Daarnaast filmen we het process van het zaaien tot het oogsten én eten. Het eerste filmpje is gemaakt.

Intussen was het vruchtbaar weer en hadden we al vlug een mooie vierkante meter Wilde Salade. Lees hier hoe er is geoogst en de salade is gemaakt.

LEPELBLAD, ECHT (Cochlearia officinalis)

LEPELBLAD, ECHT (Cochlearia officinalis)

Ideaal als menging in salades: voor een lekkere pittige touch! Op lange zeereizen nam men vroeger een vat gezouten lepelblad mee, het werd gegeten ter voorkoming van scheurbuik. Toen wist men nog niet eens dat het blad extreem veel vitamine C bevat. Geneeskrachtig verhoogt lepelblad de eetlust en bevordert de spijsvertering. Verder wordt gal en lever positief beïnvloed, wat weer verzachtend werkt op jicht en reuma. De meerjarige plant is wintergroen en groeit van oorsprong in brakwatergebieden. Bij teelt met zoet en zout water worden de blaadjes kleiner dan in zoetwatergebieden. (bron: Kruidenencyclopedie door Nico Vermeulen)

LOOK-ZONDER-LOOK (Alliaria petiolata)

LOOK-ZONDER-LOOK (Alliaria petiolata)

Bij kneuzing (en wie verwacht dat niet bij deze plant) komt een duidelijke knoflookgeur vrij. De opbouw van de plant lijkt wat op dovenetel: bossig met glimmend, niervormig, gekarteld blad. De zuiverwitte bloemetjes staan in kleine trosjes bij elkaar. Een geneeskrachtig kruid uit lang vervlogen tijden, bevat glycosiden en etherische oliën. Lekker in de sla, de wortels zijn verrassend lekker in mosterdsaus. De planten zijn 1 m hoog, tweejarig en groeien op (half)beschaduwde plaatsen.

MONNIKSBAARD (Salsola soda, synoniem: Liscari sativa)

MONNIKSBAARD (Salsola soda, synoniem: Liscari sativa)

ook wel genoemd: ITALIAANSE ZEEKRAAL
Knapperig dikke, bijna succulente, grasachtige blaadjes vormen deze smakelijke groente, die in Italië populair is onder de naam Agretti of Barba di Frate (=monniksbaard). Als salade (of toevoeging in gemengde salade) valt de iets zoute touch op als echte smaakmaker! Ook gekookt een lekkernij: water koken, monniksbaard er in, kort koken tot het blad net verkleurt (en dus nog voldoende bite heeft). We horen voor deze kustgroente ook de naam "landwier", maar onterecht. Loogkruid (Salsola kali) zit erook dicht bij, maar is bitterder. Vroeger werd uit de as van deze plant soda gemaakt. De plant wordt ook toegepast om de bijzondere eigenschap van zout uit de grond op te kunnen nemen! Een beetje extra zout door het sproeiwater geeft dus meer smaak aan de plant! De teelt kan zowel in zoet- als zoutwater gebieden plaatsvinden.

VELDZURING (Rumex acetosa)

VELDZURING (Rumex acetosa)

Veldzuring is de meest gebruikte en meest voorkomende zuring. De planten zijn meerjarig, 50-100 cm hoog, met pijlvormig blad en rode tot roze bloeitrossen. Dat deze gewone wilde soort lastig verkrijgbaar is, verbaast me, daarom telen we het zaad maar zelf, want deze zuring heeft goede papieren wat betreft historie en eetbaarheid. Al eeuwenlang eten de inwoners van de Lage Landen de bladeren van deze zure plant, vooral het jonge blad is heerlijk door salades of in hutspot met krenten en rozijnen (de zgn. zuringpap). Ook in "Paling in het groen" wordt zuring verwerkt. Tenslotte leveren de wortels een goede rode kleur om stof mee te verven, een goede verfplant dus.

WILDE RUCOLA (Diplotaxis tenuifolia)

WILDE RUCOLA (Diplotaxis tenuifolia)

ook wel genoemd: GROTE ZANDKOOL
Deze smal- en getandbladige wilde rucola wordt door de Italianen al lang zeer gewaardeerd. Zij noemen dit soort Rucola selvatica. De pikante mosterdsmaak is een aanwinst in rauwe salades. Het jonge blad wordt vóór de bloei gegeten. Een voordeel t.o.v. gewone rucola: deze is meerjarig. Een andere wilde rucola (Eruca vesicaria) staat ook bekend als Zwaardherik.

WINTERKERS (Barbarea verna, synoniem: Barbarea praecox)

WINTERKERS (Barbarea verna, synoniem: Barbarea praecox)

ook wel genoemd: BARBARAKRUID
Babarakruid wordt steeds meer ontdekt als ideale wintersalade. De pittige tuinkerssmaak (‘s zomers pittiger dan ‘s winters), het hoge vitaminegehalte en de ongelofelijke vorstbestendigheid maken het tot een topper om te mengen met bijvoorbeeld winterpostelein en veldsla. Laat ze het volgende jaar lekker in de bloei schieten: de gele trosjes bloemen zijn erg sierlijk en de plant kan zich eventueel uitzaaien…

WINTERPOSTELEIN (Montia perfoliata, synoniem: Claytonia perfoliata)

WINTERPOSTELEIN (Montia perfoliata, synoniem: Claytonia perfoliata)

Lekker mals, hartvormig blad van iets dikkere structuur. Gebruik: rauw door de salade of kort gestoofd als spinazie en (gewone) postelein. De winterpostelein komt uit Noord-West Amerika en is in grote delen van Europa verwilderd. Bij zachte winters is bescherming niet nodig, maar onder glas is de winterproductie beter.

ZEEBIETJES ssp. Maritima (Beta vulgaris) (ookwel genoemd: Wilde bietjes, Strandbietjes)

ZEEBIETJES ssp. Maritima (Beta vulgaris) (ookwel genoemd: Wilde bietjes, Strandbietjes)

Uit opgravingen is komen vast te staan dat al in 2000 v. Chr. (toen de bronstijd net begon) het bietenblad in de Oude Wereld werd gegeten en geofferd. De plant groeit wild langs oceanen en zeeën, maar de teelt lukt ook prima op de klei. Het dikke blad tijdig oogsten voor een zeer gezonde salade (vitamine A, C en vele mineralen) en geniet van de frisse, knapperige “bite”!